Stel je een burger voor. Iemand die iets nodig heeft van de overheid, een vergunning, een antwoord, hulp bij iets dat niet goed gaat. Die burger wil dat de overheid werkt. Het liefst vandaag.
En ondertussen voeren wij, leveranciers en overheid samen, een heel andere discussie. We debatteren over open source en closed source. Over architectuurmodellen, keurmerken en certificaten. Wanneer iets soeverein is. We zijn er stellig in. Het heeft zelfs kampen gevormd.
Maar die burger? Die heeft daar niets aan.
De keten is verdeeld
Wat ik regelmatig zie gebeuren: overheidsinstanties zoeken naar samenwerking en kennisdeling, maar elk vanuit een eigen visie, een eigen tempo, een eigen voorkeur. En leveranciers maken het er niet makkelijker op. We bouwen liever ons eigen kamp op dan dat we met de buurman om tafel gaan.
Dat is een spiegel waarin wij, Corsa inclusief, onszelf moeten durven zien. Want de markt verandert pas als wij onszelf veranderen. Niet door anderen ongelijk te geven. Maar door zelf het voorbeeld te stellen.
De juiste vraag begint bij Common Ground
De waarheid in de open-versus-closed-discussie ligt niet aan één kant. Ze ligt in het midden. Soms iets meer naar transparantie en hergebruik. Soms iets meer naar ontzorging en continuïteit. Voor de ene gemeente anders dan voor de andere. Dat is geen zwakte. Dat is realiteit.
De juiste vraag is een andere. Een vraag die overheid en leveranciers samen zouden moeten stellen, bij elk gesprek en bij elke aanbesteding:
- Zijn de vijf grondbeginselen van Common Ground geborgd?
- Is dataportabiliteit geregeld?
- Is interoperabiliteit geregeld?
- Is eigenaarschap van data geregeld?
- Is er een heldere exitstrategie?
- Is digitale soevereiniteit geregeld?
Als het antwoord op die vragen ja is, heeft de overheid een palet aan keuzes. Open source. Proprietary. Hybride. Het maakt niet uit. Want de grondbeginselen staan.
Dan is de keuze geen ideologische strijd meer. Dan is het een professionele afweging, op basis van wat past bij de organisatie, de mensen, de ambitie. En het belangrijkste: wat het beste werkt voor de burger.
Digitale soevereiniteit is meer dan een Europees vlaggetje
Wat naast Common Ground bijzondere aandacht verdient is digitale soevereiniteit. Veel leveranciers zeggen dat hun data ‘binnen Europa’ staat. Maar fysiek in Frankfurt, juridisch nog steeds Amerikaans. Dat is geen soevereiniteit. Het is comfortabele afhankelijkheid.
Echte soevereiniteit betekent: data op Nederlandse servers, in Nederland, onder Nederlands recht, zonder dat er een Amerikaanse techgigant tussen zit. Dat is een keuze die een leverancier maakt, en publiekelijk benoemt.
Common Ground werkt. Vandaag, als we dat samen willen.
Dat is de positie die Corsa inneemt. Niet door anderen ongelijk te geven. Maar door zelf het voorbeeld te stellen.
Met de Corsa Workspace brengen we Common Ground tot leven in de dagelijkse praktijk. Bronoverstijgend, op open standaarden, met de klant aan het stuur. Geen groeipad, geen vergezicht, maar werkende praktijk, vandaag.
Ontmoet ons op Overheid360
Op 17 juni is Corsa aanwezig op Overheid360 in de Jaarbeurs Utrecht. In een keynote openen we het gesprek over wat er werkelijk toe doet. Voorbij de discussie tussen kampen, terug naar de burger waar het allemaal voor bedoeld is.
We nodigen je uit om mee te bouwen aan een markt waarin niet de luidste stem wint, maar de meest concrete. Kom langs op Overheid360 of neem contact op.